De Spaanse centrale regering heeft een koninklijk decreet uitgevaardigd ter bescherming van zeegrasvelden in de Spaanse Middellandse Zee. Dit decreet heeft voornamelijk betrekking op de soorten Posidonia oceanica en Cymodocea nodosa, waarbij Posidonia oceanica op de Balearen een bijzondere betekenis heeft.
Een kernpunt van het decreet is dat de resten van deze zeegrassoorten in principe in het kustsubstraat moeten blijven, dus daar waar ze worden aangespoeld, voor zover dit mogelijk is en er geen duidelijke negatieve gevolgen te verwachten zijn.
De verordening staat echter toe dat op zowel stedelijke als natuurlijke stranden het verwijderen, het bezit, het vervoer en het gebruik van de zeegrasresten tijdens het toeristenseizoen (15 maart tot 15 oktober) is toegestaan. Vóór 15 maart mogen de aangespoelde Posidonia-resten echter niet worden verwijderd.
Elke verwijdering van Posidonia, bij voorkeur handmatig, vereist een vergunning van de bevoegde regionale overheid en mag de zeegrasvelden niet in gevaar brengen of leiden tot kusterosie. Op natuurlijke stranden mag de Posidonia tijdens het seizoen worden verwijderd en onder schone omstandigheden worden gedroogd om verontreiniging en invasieve soorten te voorkomen, tenzij er sprake is van aanzienlijke kusterosie. Na het seizoen moet de Posidonia weer naar het strand worden teruggebracht.
Het decreet benadrukt het belang van zeegrasvelden voor koolstofopslag. Studies in Spanje tonen aan dat de hoeveelheid koolstof die door zeegrasvelden wordt opgeslagen bijna 70 % (231 miljoen ton) van de jaarlijkse uitstoot van het hele land uitmaakt, wat overeenkomt met een waarde van ongeveer 10 miljard euro. Volgens de Internationale Unie voor het behoud van de natuur kunnen Posidonia-velden verantwoordelijk zijn voor 40 % van de koolstof die jaarlijks door kustvegetatie wordt opgeslagen, wat aanzienlijk meer is dan de koolstofopslag van tropische bossen.
Bron: persbureaus





